NRC-Handelsblad 26-1-2006

achterpagina:

Het publiek prevelt 'We hate you'
door Kees Wieringa

Pianist en documentairemaker Kees Wieringa bezocht vorige weekeen death metal-concert in Teheran. Bezoekers die meezongen ofdansten op de muziek, werden meteen afgevoerd.

Muziek is gevaarlijk. Vorige week gaf ik concerten op hetbelangrijkste festival voor muziek in Teheran, het InternationaleFadjr Muziekfestival. De mogelijkheden voor het beluisteren vanmuziek in het openbaar zijn in Iran niet groot. Voor de directievan het festival is het laveren tussen de vele regels. Alleen hetuitvoeren van 'religieuze muziek' lijkt nog toegestaan. Vandaardat ik de middag voor mijn eerste concert ontboden werd bij defestivaldirectie. Iedereen moest voorspelen voor eenmorele/islamitische commissie.
Ik speelde pianowerken van Franz Liszt en expres eenDuiveldans van de Nederlandse componist Simeon ten Holt. Er werdgoedkeurend geknikt. Ik was geen spion, besloten ze, en ik kreegofficiƫle toestemming om op het festival op te treden.
Waarom wordt muziek als gevaarlijk gezien? De regels voortheater zijn in Iran veel minder strak. Misschien is het omdatin de koran wel over het gevaar van muziek, maar niet over datvan theater wordt gesproken.
Een dag later, op 19 januari, word ik door studentenuitgenodigd voor een death metal-concert in de Ferdosi Zaal vande Universiteit van Teheran. Death metal: een groter contrast methet religieuze Iran is bijna niet denkbaar.
Ik neem plaats op het balkon van een zaal waar zo'n 350studenten gespannen afwachten wat komen gaat. De meesten zijngekleed in death metal-stijl: zwart, lange haren, kistjes,oorbellen en kruisen als ketting. Ongeveer een op de tien isvrouw. Zij dragen de verplichte hoofddoek (zwart).
Als de Iraanse SDS-band het podium betreedt en begint tespelen, blijkt dat op de helft van het geluidsvolume te zijn datbij dit soort muziek in het westen gebruikelijk is.
En er zijn meer verschillen: normaal zouden er door de groepteksten worden gezongen als 'We love death!', maar dat is doorde autoriteiten in Iran niet toegestaan. De vier musici spelenlouter instrumentaal en blijven stokstijf staan. Het publiekprevelt de teksten.
Iedereen moet op zijn stoel blijven zitten, zo stil mogelijk.Er is een ordedienst van de groep zelf aanwezig. Ook is erpolitie in burger, om in te kunnen grijpen. Dat gebeurt, als inhet midden van de zaal studenten bescheiden headbang-bewegingengaan maken. Direct worden ze door de geheime politie afgevoerd.
Het is pijnlijk te zien dat de jongeren willen bewegen op dezemuziek - daar is die toch voor gemaakt - maar ze zittenvastgeklonken aan de stoel. Dramatische beelden levert dat op,elk lichaamsdeel dat een paar centimeter kan bewegen wordtgebruikt.
Het meest absurde is wel dat de musici niet mogen zingen, dusprevelt het publiek 'Death en We hate you. De enkeling die hettoch aandurft 'Love to death te zingen, wordt direct door degeheime politie verwijderd.
De sfeer wordt grimmiger. Politie en ordedienst moeten steedsvaker ingrijpen. Vooral achterin de zaal laten de studenten zichtoch meevoeren met de muziek en gaan staan, maken voorzichtigedansbewegingen. De politie kijkt in paniek toe. Er wordt driftigoverlegd. De geheime politie - snelle jongens met lange jassen - loopt het podium op en eist dat de band stopt met spelen.
Na een korte uitleg van de bandleider verlaat de band, onderluid protest van het publiek, het podium. Ze hebben ongeveerveertig minuten gespeeld. De sfeer is nu zeer grimmig. Er wordtgeschreeuwd: 'Fascisten! en Dood aan het regime.
Bij het verlaten van het pand schopt een student vlak voor mijmet zijn kistje door de glazen toegangsdeur. Een geweldige klapvolgt.
Enkele studenten komen naar mij toe, maken het deathmetal-gebaar, pink en wijsvinger omhoog, en smeken bijna huilendom deze gebeurtenis aan de buitenwereld bekend te maken.
Op dezelfde universiteit in Teheran is vier jaar geleden hetstudentenprotest begonnen. Dat heeft uiteindelijk geleid tot dehervormingen die de afgelopen jaren in Iran hebbenplaatsgevonden. Onder het nieuwe regime van Mahmoud Ahmadinejadlijkt er opnieuw een rol voor de universiteit weggelegd.^

 

 

Kees Wieringa

Kees Wieringa

Kees Wieringa

Kees Wieringa

Kees Wieringa

Kees Wieringa

Kees Wieringa

Kees Wieringa

Kees Wieringa

Kees Wieringa

Kees Wieringa

Kees Wieringa

^